Johan de Wildt is sinds 2008 wijkagent in Heiloo.

Zijn werkdag begint op het politiebureau in Castricum met administratieve klussen, veel mails en telefoontjes. Mensen die een melding bij de politie gedaan hebben, krijgen in principe binnen 48 uur reactie via telefoon of mail. Als dat klaar is gaat hij het liefst op de fiets naar buiten om daar zijn belangrijkste werk te doen: ‘Ik rij een rondje door Heiloo, pak het winkelcentrum mee, zorg dat mensen me makkelijk kunnen benaderen. Weten wat er in de wijk speelt, daar gaat het om. Een wijkagent is het gezicht van de politie en het aanspreekpunt voor inwoners van Heiloo.’

Niet alles hoort bij de politie

Hij krijgt van alles te horen op die manier, ook allerlei zaken die niet onder verantwoordelijkheid van de politie vallen. Mensen weten lang niet altijd waar ze moeten zijn met hun vragen of problemen. Dat geeft niet, want Johan kan het doorspelen naar de goede plek. Zo wordt hij vaak aangesproken op parkeeroverlast, terwijl dat bij de BOA’s van de gemeentelijke handhaving thuishoort. Burenruzies is ook zoiets; vroeger deed de politie dat zelf, nu is er in Heiloo een organisatie met speciaal opgeleide mensen die goed zijn in Buurtbemiddeling. Als hij signalen krijgt over jongeren die problemen geven op een bepaalde locatie, zoekt hij contact met de jongerenwerkers in Heiloo (Maarten en Esther). Zij spreken in nauwe samenwerking af wat de aanpak wordt en wie het gaat uitvoeren – soms is het beter dat de jongerenwerkers erop afgaan dan dat de politie optreedt.

Fietsverlichtingscontrole

Samenwerking is sowieso een sleutelwoord in zijn werkzaamheden als wijkagent. Als er overlast is door ‘verward gedrag’, heeft hij een korte lijn met de GGZ (Geestelijke Gezondheidszorg). Als er onrust of onveiligheid is in een wijk met sociale huurwoningen, verwijst hij bewoners naar de wijkbeheerder van Kennemer Wonen en houdt zelf ook het contact met de woningcorporatie open. Hij gaat regelmatig een rondje langs de scholen; praat met de directeur, maar geeft ook graag voorlichting aan leerlingen, zodat ze vertrouwd raken met de politie en die niet alleen als boeman zien. ‘Vanochtend vroeg deden we samen met Veilig Verkeer Nederland en met jongerenwerk Heiloo een preventieve fietsverlichtingscontrole bij het PCC in Heiloo. Tussen kwart voor en kwart over acht zagen we ongeveer tweehonderd fietsers aankomen. Wie geen verlichting op de fiets had kreeg een waarschuwing en gratis fietslampjes. Over een week of twee gaan we weer. Dan gaan we zo nodig bonnen schrijven; we kunnen niet blijven waarschuwen!’

Bij mensen langs gaan

Bij aanrijdingen en woninginbraken zijn collega’s van de surveillancedienst meestal het eerst ‘ter plaatse’. Later gaat de wijkagent op bezoek bij de slachtoffers: ‘Het is nogal wat, als iemand het huis is binnen gedrongen waar je dacht veilig te zijn, waar niemand iets te zoeken heeft. Als ze alles overhoop halen … de sieraden meenemen die al ik weet niet hoe lang in familiebezit zijn … Of ik was een keer bij een alleenstaande man die ’s nachts wakker werd en een inbreker naast zijn bed zag staan, dat zijn toch dingen … Onze bedoeling is om binnen veertien dagen bij de mensen langs te gaan om te vragen hoe het met ze gaat en of we iets voor ze kunnen betekenen. Wat extra aandacht en nazorg, dat vinden we heel belangrijk en dat doen we dus!’ Als er langer durende nazorg of begeleiding nodig is, verwijst hij weer door naar Slachtofferhulp.

Babbeltrucs en klusjesmannen

Johan noemt zichzelf ‘iemand van de warme contacten’: ‘Bellen en mailen kan, maar ik ben veel liever face to face, ook bij het Trefpunt. Het zal niet alle weken  lukken, maar ik probeer minimaal eens per veertien dagen even binnen te lopen en Karin, Wanda of Claudia even te spreken. En met de bezoekers een praatje maken, er is altijd volk hier.’ Daarnaast komt hij naar het Trefpunt om presentaties en voorlichting te geven. Over woninginbraak bijvoorbeeld: wat kunnen mensen doen om dit te voorkomen, en wat doe je als het toch gebeurt? ‘Een tijdje terug hebben we een bijeenkomst georganiseerd om mensen voor babbeltrucs te waarschuwen – een vrouw belt aan met een zielig verhaal en vraagt om een kopje water … En vorig jaar waren er klusjesmannen actief in Heiloo, die zich met een smoes voor een kleine klus aanbieden en vervolgens oudere mensen op intimiderende wijze een godsvermogen afhandig maken. Toen heb ik Wanda gevraagd om in de Nieuwsbrief van het Trefpunt een waarschuwing op te nemen. Dat komt dan snel bij een paar duizend mensen terecht. Korte lijntjes, goede samenwerking, heel belangrijk!’

Door Leonie Zwetsloot